Zienderogen

Anna was blind. Achteraf bekeken snap ik niet hoe we dat konden missen. Verbazingwekkend hoe moederliefde mij blind had gemaakt. Nadat dokters ons vertelden waarom Anna anders was, vielen de verwarrende puzzelstukken stukje bij beetje in elkaar, tot ik plots dacht: natuurlijk, Anna is blind.

In mijn blijvende zoektocht naar hoopgevende signalen onderwierp ik mijn meisje dagelijks aan testjes. Ik herinner me hoe ik Anna in ondraaglijk fel zonlicht liet kijken. Ze gaf geen kik. Verder lezen Zienderogen

Kapot

‘… en hier ziet u duidelijk de kiesvormige afwijking. Als Anna een vrouw van veertig zal zijn, zullen haar hersenen er nog precies hetzelfde uitzien als vandaag.’, beëindigt de dokter haar uiteenzetting. Er valt een stilte. Afwijking in de kleine hersenen, zenuwbanen, hersenstam,… dat klinkt allemaal boeiend, tot de hersenscan van je eigen kindje voor je op tafel ligt en wordt besproken. Over Anna als veertigjarige vrouw wil ik al helemaal niet nadenken. Ik wil liever nergens meer over nadenken. Verder lezen Kapot

Bang II

We zitten te wachten in de ziekenhuisgang, gespannen uitkijkend naar de belangrijkste doktersafspraak van ons leven.

Martha bleef bij grootmoe slapen, zodat Jona, Anna en ik op tijd konden vertrekken. Ik heb de uitzonderlijk vroege consultatie goed voorbereid en een lijst opgesteld van de kleinste details die misschien van belang zijn voor de kinderarts. Ik herinner me bijvoorbeeld perfect wat de verpleegster van Kind & Gezin zei nadat Anna de verplichte ALGO gehoortest tot een goed einde had gebracht: ‘heeft ze een verkoudheid? Want het kwam wel moeilijk binnen.’ Dat zei ze letterlijk, dat het moeilijk binnenkwam. Anna had geen verkoudheid, maar langer stond ik toen niet stil bij die opmerking. Verder lezen Bang II